Werkwijze selectie patiënten voor behandeling met protonentherapie

Protonentherapie is een vorm van radiotherapie, waarbij een andere soort straling gebruikt wordt. Deze straling is preciezer te richten op de tumor. Hierdoor komt er buiten de tumor minder of geen straling en daardoor treden er vermoedelijk minder bijwerkingen op. Het Zorginstituut heeft in januari 2019 het indicatieprotocol voor protonentherapie voor borstkanker goedgekeurd. In de loop van 2019 zullen 3 protonencentra in Nederland hun deuren openen voor een selectie van borstkankerpatiënten. Dit gebeurt altijd alleen op verwijzing van de eigen radiotherapeut, en alleen als aan de selectievoorwaarden wordt voldaan. De selectievoorwaarden zijn opgesteld om de kostbare en beperkt beschikbare protonentherapie aan te kunnen bieden aan die patiënten die er het meest baat bij kunnen hebben. Het gaat nu eerst om die patiënten waarbij er een relatief grote kans is op hartschade door de reguliere bestraling met fotonen (röntgen) en bij wie protonentherapie mogelijk dit risico verlaagt. Alleen als aan alle criteria wordt voldaan, wordt protonentherapie uitgevoerd en vergoed.

Stand van zaken opening protonencentra

Onderstaand overzicht zullen we steeds bijwerken als er preciezere data bekend zijn.

Delft:

Verwachte opening voor alle patiënten: eind 1e kwartaal 2019

Datum vanaf wanneer de eigen radiotherapeut een planningsvergelijking (verwacht effect protonen ten opzichte van fotonen (röntgen)) aan kan vragen bij het centrum: 1 april 2019

Groningen:

Opening voor patiënten: gestart

Lees hier meer informatie over Groningen >

Maastricht:

Opening voor eigen patiënten: eind 1e kwartaal 2019

Opening voor doorverwezen patiënten*: 2e kwartaal 2019

Datum vanaf wanneer de eigen behandelaar een planningsvergelijking aan kan vragen bij het centrum: 1 april 2019

Lees hier meer informatie over Maastricht >

*Omdat ieder centrum in 2019 pas start met het behandelen van borstkankerpatiënten, wil het centrum zich eerst een korte periode beperken tot het behandelen van eigen patiënten. Deze procedure geeft de centra de tijd om de logistiek van deze nieuwe behandeling goed te organiseren.

Wat is een planningsvergelijking?

In een planningsvergelijking stelt de behandelend radiotherapeut een behandelschema op voor de gebruikelijke radiotherapie (met fotonen (röntgen)). Dit is het fotonenplan. Dit fotonenplan is afgestemd op de individuele patiënt. Als daaruit blijkt dat de patiënt bij de benodigde hoeveelheid röntgenstraling een relatief hoog risico op hartschade heeft, dan kan dit fotonenplan aan het protonencentrum worden voorgelegd. Het protonencentrum maakt dan op basis hiervan een protonenplan. Met behulp van dit protonenplan wordt een berekening gemaakt waaruit het verwachte verschil in schadelijkheid blijkt tussen fotonen en protonen. Dit verschil moet voldoende groot zijn om in aanmerking te komen voor protonentherapie. Is dat het geval, dan komt er een positief oordeel en kom je daadwerkelijk voor de protonentherapie in aanmerking. Je behandelend radiotherapeut krijgt dit te horen van het protonencentrum. Je radiotherapeut gaat dan met je in gesprek om de voor- en nadelen van de twee behandelopties te bespreken en om te bekijken welke methode het beste bij jou past. Als je daadwerkelijk voor de protonentherapie kiest, stap je vóór de start van je behandeling over naar het protonencentrum en stopt de radiotherapeutische zorg in het centrum waar je tot dan toe was. De verwijzing hoef je niet zelf te regelen: na verwijzing  ontvang je een oproep voor de voorbereidingen.

Hoeveel kans is er dat ik protonentherapie kan krijgen?

Dat is niet van tevoren te zeggen. Je radiotherapeut bepaalt je bestralingsplan en schat daarbij het risico op schade in. Als dit risico groot is, kan er een aanvraag voor protonentherapie worden gedaan. Afhankelijk van de plaats, vorm en grootte van je tumor, zal protonentherapie meer of minder voordeel opleveren. Alleen als dit voordeel voldoende groot is, kom je in aanmerking. Daar zijn harde eisen voor opgesteld in het protocol dat hierbij gebruikt wordt. En dan is nog de vraag of je zelf de overstap naar een protonencentrum wilt maken voor je behandeling. Dat betekent dan ook dat je niet de behandeling vervolgt in het centrum waar je tot dan toe in behandeling bent.

De inschatting is dat van de 17.000 nieuwe borstkankerpatiënten per jaar, er in het eerste jaar zo’n 100 mensen daadwerkelijk protonentherapie zullen ondergaan. Overleg dus met je behandelend arts of dit voor jou een mogelijkheid is.

 

Laatste update: 10 april 2019