Bestraling bij mannen met borstkanker

Bestraling is de behandeling van kanker met straling. Een ander woord voor bestraling is radiotherapie. Het doel is kankercellen te vernietigen en tegelijk gezonde cellen zo veel mogelijk te sparen. Bestraling is een plaatselijke behandeling: het deel van je lichaam waar de tumor zit wordt bestraald.

De straling komt uit een bestralingstoestel. Je wordt van buitenaf, door de huid heen bestraald. De radiotherapeut en radiotherapeutisch laborant bepalen nauwkeurig de hoeveelheid straling en de plek waar je wordt bestraald.

Bestraling na een borstamputatie

Na je borstamputatie kun je bestraling krijgen. Dat gebeurt als:

  • de tumor groot is (>5 cm) en er 4 of meer lymfeklieren in de oksel aangetast zijn
  • er andere redenen zijn die de kans op terugkeer van de ziekte vergroten

Bestraling van de oksel in plaats van een okselkliertoilet

Als er bij de punctie of schildwachtklierprocedure uitzaaiingen groter dan 2 milimeter zijn gevonden in de lymfeklier(en), dan moet ook de rest van de oksellymfeklieren worden behandeld. Dit kan met bestraling van de oksel. Of met een okselklierdissectie, ook wel een okselkliertoilet genoemd. De arts bespreek welke van de twee behandelingen voor jouw situatie het meest is geschikt. 

Bestraling na een okselkliertoilet

Als er na een okselkliertoilet 4 of meer lymfeklieren in de oksel zijn aangetast, of als andere klieren buiten de oksel uitzaaiingen bevatten, dan is ook bestraling van lymfeklieren nodig. Het gaat hierbij om de lymfeklieren in de oksel, langs het borstbeen en/of het sleutelbeen.

Bestraling bij een terugkerende borstkanker (recidief)

Als de tumor is teruggekomen, wordt je soms opnieuw bestraald. Dat gebeurt alleen nadat de voor- en nadelen van de nieuwe bestraling goed zijn afgewogen. De dosis straling is dan altijd laag, omdat je al eerder bestraling hebt gekregen. Bij nogmaals bestralen is de kans op bijwerkingen groter. De bestraling wordt dan vaak gecombineerd met hyperthermie, een behandeling waarbij het lichaam plaatselijk verhit wordt tijdens de bestraling.

Bestraling bij uitzaaiingen

Als er uitzaaiingen in andere delen lichaam van het lichaam zijn gevonden, dan kun je palliatieve bestraling krijgen. De bestraling heeft dan als doel de (pijn)klachten te beperken en de uitzaaiingen zo veel mogelijk stabiel te houden. Vooral uitzaaiingen in de botten, bij het ruggenmerg of in de hersenen kunnen baat hebben bij bestraling. Bij uitzaaiingen op andere plaatsen zoals de longen en lever heeft bestraling soms effect.

Bestraling bij uitzaaiingen in de botten

Bij uitzaaiingen in de botten wordt vaak 1 tot 3 keer een hogere bestralingsdosis gegeven. Bij de meeste mensen neemt de pijn af. Bij een derde tot de helft van de patiënten verdwijnt de pijn helemaal. Een botuitzaaiing kan botbreuken of bijna-breuken veroorzaken. Dan is er eerst een operatie nodig om de breuk te herstellen en pijn te verlichten. Daarna volgt vaak alsnog bestraling.

Bestraling bij uitzaaiingen in hersenen of ruggenmerg

Bij uitzaaiingen in de hersenen of bij het ruggenmerg moet snel worden gehandeld. Het liefst voordat er uitvalsverschijnselen zijn, zoals een verminderde controle over de eigen bewegingen of een afname van gevoel. Uitvalsverschijnselen worden veroorzaakt door zenuwbeschadiging, doordat tumorcellen vanuit de wervelkolom naar de zenuwen in het ruggenmergskanaal groeien. Bij uitzaaiingen in de hersenen krijg je bestraling op de gehele hersenen. Zelden wordt een gerichte bestraling op een specifieke plek van de hersenen gegeven.

Bestraling bij uitzaaiingen in longen en lever

Er zijn verschillende behandelingsmogelijkheden van uitzaaiingen in lever en longen. Bij enkele uitzaaiingen in deze organen kan precisiebestraling (stereotactische radiotherapie) helpen.

Lees meer over bestraling >>

Bijwerkingen bestraling bij mannen

Het borsthaar op de borst die wordt bestraald verdwijnt. Dit borsthaar komt niet altijd terug. Daarnaast zijn de mogelijke bijwerkingen hetzelfde als voor vrouwen.

Lees meer over de korte en langer termijn bijwerkingen van bestraling >>

Micro-uitzaaiingen

Als er uitzaaiingen in de lymfeklieren van de oksel worden gevonden die kleiner zijn dan 2 millimeter, én je krijgt chemotherapie en/of hormonale therapie, dan wordt er geen bestraling van de oksel gedaan.
Als je een micro-uitzaaiing in je oksel hebt én geen therapie met medicijnen krijgt, kan de arts een bestraling van de oksel adviseren.
Als er losse tumorcellen in de lymfeklieren van de oksel worden gevonden, is dit geen uitzaaiing en wordt de behandeling hier niet op aangepast.