Hoe ontstaan (vervroegde) overgangsklachten?

Overgangsklachten door chemotherapie

Chemotherapie is een behandeling met medicijnen (cytostatica) die de celdeling remmen of cellen doden. Chemotherapie doodt met name de snel delende cellen, zoals kankercellen. Maar ook gezonde cellen worden door chemotherapie beschadigd.

Chemotherapie werkt door het hele lichaam. De schadelijke stoffen komen ook terecht in de eierstokken. De eierstokken raken in een ruststaat en – in de meeste gevallen – stopt de menstruele cyclus. Je raakt vervroegd in de overgang. Je kunt last krijgen van verschillende bijwerkingen, zoals bijvoorbeeld opvliegers, slechter slapen, libidoverlies en droge slijmvliezen.

Na het stoppen van de chemotherapie kan de menstruatie weer terugkomen, kunnen de overgangsklachten verdwijnen en is een zwangerschap soms nog mogelijk. Of je in de overgang raakt door chemotherapie, en of dat dan tijdelijk of definitief is, hangt af van verschillende factoren. Onder andere van:

  • je leeftijd
  • de soort chemobehandeling
  • je vruchtbaarheid voorafgaand aan de behandeling

Een van de bijwerkingen van chemotherapie is de aantasting van de eierstokken. Je kunt zeggen dat de eierstokken door chemotherapie gemiddeld vijf tot tien jaar ouder worden. Dit houdt in dat bij een patiënte van 35 jaar de functie van de eierstokken na het toedienen van chemotherapie te vergelijken is met die van een vrouw van veertig jaar.

Bij chemotherapie op zeer jonge leeftijd, onder de 35 jaar, keert de vruchtbaarheid na de behandeling meestal wel terug. Bij chemotherapie boven de 35 jaar is er echter een reële kans op blijvende onvruchtbaarheid.

De kans op onvruchtbaarheid is niet alleen afhankelijk van de leeftijd. Ook het type chemotherapie speelt hierin een rol. Bij het ene middel is de kans op onvruchtbaarheid groter dan bij het andere middel. Bij vrouwen die bijvoorbeeld een zogenaamde ‘hogedosischemotherapie’ ondergaan, zal de menstruatiecyclus zich niet meer herstellen. Bij deze chemotherapie is de kans op een spontane zwangerschap na behandeling nihil. Het is verstandig om – voordat je aan chemotherapiebehandeling begint – met je behandelend arts de mogelijke gevolgen te bespreken. Er zijn verschillende dingen die je kunt doen om je vruchtbaarheid te behouden. Hierover lees je meer in ‘Hoe kun je (vervroegde) overgangsklachten voorkomen?’

Overgangsklachten door hormoontherapie

Hormoontherapie heet officieel antihormonale therapie. Je krijgt namelijk geen hormonen toegediend, maar een behandeling die het hormoonpeil in je lichaam juist verlaagt. Of die de werking van de eigen hormonen vermindert.

Het principe van hormoontherapie is: zorgen dat de tumor of de uitzaaiingen geen groeistimulerend geslachtshormoon meer krijgen. Borstkanker kan namelijk, net als normaal borstklierweefsel, voor groei afhankelijk zijn van het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen. Door de hoeveelheid van oestrogenen die de tumor bereikt te verminderen, groeit de tumor niet verder en kunnen de (kanker)cellen afsterven. Dat geldt voor de plek waar je tumor zat, maar ook voor kankercellen die zich eventueel al door het lichaam hebben verspreid.

Het remmen van de aanvoer van oestrogeen, kan op verschillende manieren. Welke hormonale behandeling je krijgt, hangt onder andere af van het stadium van de ziekte en of je wel of niet in de overgang bent. Lees hier meer over de verschillende vormen van hormoontherapie.

Hormoontherapie vóór de overgang (premenopauzaal)

De antihormonale medicijnen zorgen ervoor dat je kunstmatig, vervroegd, in de overgang raakt. Je kunt last krijgen van typische overgangsklachten zoals opvliegers, concentratiestoornissen, slaapproblemen en gewichtstoename. Tijdens de hormonale behandeling kun je niet zwanger worden omdat de medicijnen de menstruele cyclus - en daarmee de eisprong - onderdrukken. Bij alleen Tamoxifen kún je wél zwanger worden, maar dit wordt afgeraden gezien de verhoogde kans op kinderen met afwijkingen (dus voorbehoedsmiddelen zoals condoom gebruiken).

Na het stoppen met de antihormonale medicijnen kan de menstruatie weer terugkomen, kunnen de overgangsklachten verdwijnen en is een zwangerschap soms nog mogelijk. Of je tijdelijk of definitief in de overgang raakt door hormoontherapie, hangt af van verschillende factoren. Onder andere van:

  • je leeftijd
  • de soort behandeling en de duur ervan
  • je vruchtbaarheid voorafgaand aan de behandeling

Het is verstandig om – voordat je aan een hormoontherapiebehandeling begint – met je behandelend arts de mogelijke gevolgen te bespreken. Er zijn verschillende dingen die je kunt doen om je vruchtbaarheid te behouden. Hierover lees je meer in ‘Hoe kun je (vervroegde) overgangsklachten voorkomen?’

Hormoontherapie na de overgang (postmenopauzaal)

Na de overgang is de oestrogeenspiegel flink lager. Door een verdere verlaging van de toch al lage oestrogeenspiegels bij postmenopauzale vrouwen, kan hormoontherapie de overgangsklachten verergeren. Of ervoor zorgen dat klachten terugkeren. Klachten die vaak voorkomen zijn onder andere opvliegersbotontkalking, stemmingswisselingen, slechter slapen, verhoogd cholesterol en droge slijmvliezen.

Overgangsklachten door preventieve verwijdering van eierstokken en eileiders

Sommige vrouwen hebben meer kans op borstkanker en eierstokkanker dan andere vrouwen. Dit is onder andere het geval als zij drager zijn van een zogenaamde BRCA1 of BRCA2 genmutatie: een aangeboren fout in het DNA, geërfd van één van de ouders. Er is dan sprake van een erfelijke aanleg voor borst- en eierstokkanker. 

Om het risico op eierstokkanker te verlagen, kunnen de gezonde eierstokken en de eileiders worden verwijderd op een leeftijd voordat het kankerrisico toeneemt. Over het algemeen neemt het risico toe vanaf het veertigste levensjaar. Als je eierstokken preventief laat verwijderen voor je in de natuurlijke overgang bent, raak je na de operatie meteen in de overgang. Dit is blijvend. Binnen een week na de operatie kun je last krijgen van typische overgangsklachten zoals opvliegers, stijve spieren en gewrichten, droge huid, droge slijmvliezen. Je bent blijvend onvruchtbaar.

Meer informatie over erfelijke borst- en eierstokkanker vind je op de website www.brca.nl. Deze website is een onderdeel van Borstkankervereniging Nederland (BVN).

Overigens kunnen ook mannen drager zijn van een BRCA1 of BRCA2 genmutatie. Zij hebben in dat geval een hoger risico op borstkanker en op andere soorten kanker, zoals prostaatkanker.

Wie krijgt last van (vervroegde) overgangsklachten?

Of en in welke mate je last krijgt van (vervroegde) overgangsklachten hangt af van de behandeling(en) die je ondergaat, je leeftijd en per persoon.

Of je tijdelijk of definitief in de overgang raakt door chemotherapie en/of hormoontherapie, hangt af van verschillende factoren. Onder andere van:

  • je leeftijd
  • de soort behandeling en de duur ervan
  • je vruchtbaarheid voorafgaand aan de behandeling

Bij chemotherapie op zeer jonge leeftijd, onder de 35 jaar, keert de vruchtbaarheid na de chemotherapie meestal wel terug. Bij chemotherapie boven de 35 jaar is er echter een reële kans op blijvende onvruchtbaarheid. Bij vrouwen die een zogenaamde ‘hogedosischemotherapie’ ondergaan, zal de menstruatiecyclus zich niet meer herstellen. Bij deze chemotherapie is de kans op een spontane zwangerschap na behandeling nihil.

Mannen met borstkanker

Hormoontherapie is ook beschikbaar voor mannen met borstkanker. Vaak wordt gekozen voor een behandeling met antioestrogeenmedicijnen. Mannen kunnen door de hormoontherapie last krijgen van klachten als: gewichtstoename, opvliegers, stemmingswisselingen, minder zin in seks en erectieproblemen.