Breath hold techniek bij borstkanker

Omdat je hart links zit, kan het zijn dat bij linkszijdig bestralen je hart ook wat straling mee krijgt. Dit hangt ook af van je lichaamsbouw. Het is beter om die straling op het hart te voorkomen. Dat kan door tijdens de behandeling je adem in te houden, met de ‘breath-hold-techniek’. Deze wordt ook wel Deep Inspiration Breath hold technique of Active Breathing Control(ABC) genoemd. 

Tussen het hart en de borstwand ligt een stukje van de long. Bij inademing wordt dit stukje long gevuld met lucht. Daardoor verplaatst het hart een stukje naar achteren. Op dat moment gaat de bestraling voor het hart langs. Door gemiddeld dertig seconden de adem in te houden, kan het hart dus vrijgehouden worden van straling. Het bestralingsplan wordt zodanig gemaakt dat het hart (bijna) volledig buiten de bestralingsbundels ligt.

Niet alle borstkankerpatiënten lopen het risico dat het hart geraakt wordt door bestraling. Daarom wordt van tevoren bekeken of het in jouw geval beter is met ingehouden adem bestraald te worden. Eerst geeft je arts je uitleg over de breath-hold-techniek. Daarna krijg je instructie en ademhalingsoefeningen van de laboranten.

Aan de hand van de scans wordt bepaald of jij baat hebt bij bestraling met ingehouden adem. Wanneer je wordt bestraald met de breath-hold-techniek, zal de radiotherapeutisch laborant tijdens de behandeling duidelijk aangeven wanneer je je adem moet inhouden.

Oefenen

Ongeveer dertig seconden de adem inhouden valt niet voor iedereen mee. Oefening helpt, maar uiteindelijk lukt het niet iedereen om drie tot vier keer per behandeling de adem zo lang in te houden. Voor de kwaliteit van de borstkankerbehandeling maakt dat niet uit. De radiotherapeut en de laboranten zorgen ervoor dat je borst(wand) goed wordt bestraald, met zo weinig mogelijk belasting van het hart.

Verschillende technieken

De wijze waarop de breath-hold-techniek plaatsvindt kan verschillen. Er zijn grofweg drie methoden:

  1. Ademhalingstechniek zonder externe hulpmiddelen. Hierbij moet je doorgaans dertig seconden lang je adem diep vastgehouden tijdens de bestraling.
  2. Ademhalingstechniek met 'staaf' op het lichaam. Hierbij moet je ook gemiddeld dertig seconden lang de adem diep vastgehouden tijdens de bestraling, maar het staafje helpt je  hierbij om te voelen tot 'hoe diep' je je adem moet ingehouden.
  3. Ademhalingstechniek met 'snorkel', neusklemmetje en bril. Ook bij deze techniek moet je gemiddeld dertig seconden lang je adem diep vastgehouden tijdens de bestraling, alleen zorgen de snorkel en de bril (vaak met display erin) ervoor dat je beter je adem kunt inhouden en beter ziet hoe lang dat nog duurt.

Hoe lang en hoe diep je moet inademen verschilt; er is nog geen overeenstemming over de beste manier, en het wordt nog niet in elk ziekenhuis standaard aangeboden.